Toen ik vanochtend aankwam op de centrale, zag ik op de monitoren dat het al lekker druk was op het water. Overal lagen recreatiebootjes en schepen klaar om te passeren. Heerlijk, dat wordt weer een fijne, dynamische werkdag!
De geklemde wielrenner
Bij een van de eerste keren dat ik een brug ging openen, hanteerde ik keurig onze vaste veiligheidsprocedure: eerst gaan de oprijbomen* dicht, en daarna zijn de afrijbomen* aan de beurt. Net toen de afrijbomen zakten, vond een wielrenner het een fantastisch idee om er nog snel even onderdoor te spurten.
Helaas voor hem ging de boom aan de overzijde op datzelfde moment ook dicht. Hij zat muurvast! Hij besloot daarom maar vlak na de eerste bomen stil te gaan staan. Op zich ‘slim’ als je er niet meer af kunt, maar vanuit de centrale wil ik vanwege de veiligheid absoluut niemand binnen de slagbomen hebben staan tijdens een brugopening.
Toen hij na even wachten nog steeds niet leek te begrijpen waarom de brug maar niet open ging, besloot ik in te grijpen. Via de omroepinstallatie liet ik hem luid en duidelijk weten dat ik de brug niet draai zolang hij binnen de bomen staat. Dat drong door: hij stapte snel af en kroop met fiets en al terug onder de slagboom door.
Toen de brug na de opening weer dicht was, moest ik wel even grinniken. Ik zag op de camera namelijk dat de desbetreffende wielrenner druk een band stond op te pompen. Of het nu echt zijn eigen band was of dat hij die lek had gereden op de brug, kon ik helaas niet blijven bekijken; de volgende brug wachtte alweer!
Stoppen op het verdrijvingsvlak
Dacht je dat we alles gehad hadden? Nou, nee hoor… Dacht ik de volgende brug te openen: rode lampen aan, bellen aan. Ik zag een fietser keurig stoppen. Dat is op zich een heel goed teken, maar helaas bleek deze fietser te stoppen boven op het verdrijvingsvlak*.
Daardoor kon ik alsnog de bomen niet veilig sluiten. Ik wachtte heel even op een reactie, maar er gebeurde niets. Pas toen ik de bomen een klein stukje liet zakken, viel het kwartje bij de fietser. Binnen één seconde reed de persoon snel achteruit het verdrijvingsvlak uit! Bij sommige weggebruikers heb ik het idee dat ze bewust door de dichte bomen glippen, maar dat gevoel had ik bij deze persoon gelukkig niet. Het mopperen vanuit mijn stoel is deze keer dan ook beperkt gebleven.
Drie soorten verkeer op 100 meter
Na een enerverende dag zat mijn dienst er weer op. Als ik naar buiten loop en de frisse lucht opsnuif, word ik getrakteerd op een mooi stukje luchtvaart: hoog boven de stad zie ik nog twee heteluchtballonnen een prachtige vaart maken.
Toen moest ik toch even glimlachen. Scheepvaart op het water, wegverkeer op de weg en luchtvaart in de lucht—binnen een straal van nog geen 100 meter zag ik zo drie verschillende soorten verkeer voorbijkomen. Het blijft een prachtig vak!
* Uitleg vakjargon: vakjargon op Beroepsverhalen.nl.



