Geen enkele werkdag op de centrale is hetzelfde. Vanmiddag begon de dienst al meteen met wat logistieke uitdagingen doordat een collega te laat was. Degene die afgelost moest worden, moest helaas écht op tijd weg. Het gevolg? We waren een flinke tijd beperkter inzetbaar op de centrale. Nadat de collega gebeld was, ging hij gelukkig wel meteen onderweg, maar de opstart vroeg dus even wat extra flexibiliteit van ons.
High fives bij de slagboom
Toen ik later een van de bruggen wilde draaien, viel me via de monitoren een heel leuk tafereel op de weg op. Er kwamen een paar motoren keurig tot stilstand voor de zakkende slagboom.
Op twee van de motoren zaten bijrijders achterop. Zodra de motoren stilstonden, gaven de twee passagiers elkaar een enthousiaste high five! Net alsof ze elkaar wilden feliciteren met hoe gaaf de rit was en dat ze het super deden achterop. Dat zijn van die kleine, mooie momentjes die je werkdag meteen wat opvrolijken.
Storing en eigenwijze fietsers
Even later schoot bij een draaiing van mijn collega de brug ineens in storing bij het sluiten. Ontzettend vervelend voor ons, maar natuurlijk ook voor het wachtende wegverkeer.
We hebben meteen het vaste storingsprotocol opgestart: de monteur, de provincie, de hulpdiensten én onze leidinggevende werden razendsnel geïnformeerd. Helaas bleek het geduld bij sommige weggebruikers weer ver te zoeken. Ondanks dat de brug in storing stond, kropen meerdere fietsers simpelweg onder de dichte slagbomen door om alsnog over te steken.
Verschil van inzicht: Ik vind dat levensgevaarlijk gedrag—je weet immers nooit wat een kapotte brug doet. Mijn collega dacht er op dat moment wat luchtiger over en liet de fietsers begaan. Maar het blijft opvallend hoe snel mensen risico’s nemen op de weg.
“Meneer de brugwachter…”
Ondertussen ging het werk op de post uiteraard gewoon door. Via de marifoon klonk er al snel een oproep van een schipper: “Meneer de brugwachter, mogen wij een opening?”
Ik beantwoorde de oproep netjes en dacht dat mijn duidelijke stem het wel zou verraden, maar bij de volgende brug was het opnieuw: “Meneer de brugwachter…”
Toen bij de passage daarna een schipper met een wel héél duidelijke vrouwelijke stem opriep en wéér opende met “Meneer de brugwachter”, kon ik het niet laten. Ik antwoordde gevat via de marifoon:
“Mevrouw de schipper, ik ga de brug voor u openen!”
Mijn collega’s op de centrale schoten meteen in de lach. Maar helaas… bij de derde brug klonk er wéér onverstoord: “Meneer de brugwachter…” Zucht! Blijkbaar zit die term er bij veel schippers zó ingebakken dat een vrouwelijke stem op de centrale ze niet eens opvalt!
Een zwaai voor de brugwachter
Bij een van mijn laatste brugopeningen van de dag maakte een opvarende gelukkig alles weer goed. De man was blijkbaar zo ontzettend blij dat de brug voor hem openging, dat hij op het dek uitgebreid en met een enorme lach naar onze camera zat te zwaaien.
Hoewel ik achter het glas van de centrale zit en hij mij natuurlijk niet kon zien, zwaaide ik automatisch met een grote glimlach terug. Het was de perfecte, vrolijke afsluiting van weer een enerverende werkdag!



