De zenuwen zijn vandaag weer iets minder. Dat is fijn, want ik begin de dag graag met een goed gevoel. Toch ben ik benieuwd of kindje twee vandaag klaar zal staan. Bij kindje één hoef ik in ieder geval niet te bellen, want de moeder staat al in de deuropening. We zwaaien even en al snel komt kindje één naar buiten.
Daarna rijd ik meteen door naar nummer twee. Voor de zekerheid bel ik de vader weer even. “Kwart over zeven,” zegt hij beslist. Ik leg opnieuw uit dat er altijd wat speling is en dat ik maximaal vijf minuten kan wachten. Gelukkig zie ik na twee minuten het licht in de portiek aangaan en komen vader en zoon al naar buiten. Opgelucht adem ik uit — een kuikentje achterlaten vindt deze moeder gans namelijk helemaal niet leuk.
Een rustige ochtend
Onderweg nadat kindje drie is opgehaald krijg ik van kindje één een nieuwe route uitgelegd. En eerlijk is eerlijk: die is inderdaad makkelijker. “In het vervolg rijd ik maar zo,” denk ik bij mezelf. Als we bij het kindje aankomen dat gisteren zo druk was, merk ik gelukkig dat hij vandaag een stuk rustiger is.
Ik lever alle kinderen netjes op school af en rijd de bus verder weg van de drukte bij de school. De hoeveelheid taxi’s zorgt daar namelijk al voor genoeg chaos. Terwijl ik even wacht, komt de volgende opdracht binnen.
Vijf dames, één bestemming
Ik mag vijf dames ophalen op verschillende adressen en ze samen naar één locatie brengen. Gelukkig heb ik nu een handig krukje, waardoor het instappen voor hen een stuk makkelijker gaat. Met een glimlach help ik ze één voor één de bus in. Eenmaal op de bestemming laad ik ze weer net zo vriendelijk uit.
Daarna rijd ik iets verderop om te wachten op mijn volgende rit. Al snel krijg ik het bericht dat ik alvast richting het nieuwe adres kan rijden. Het exacte adres volgt later, dus ik voer alleen de plaats in en begin alvast rustig te rijden. Halverwege ontvang ik het juiste adres en kan ik doelgericht verder rijden.
Ik moet even zoeken naar het juiste adres, maar die heb ik gelukkig al snel gevonden. De rit verloopt soepel en bij het uitstappen krijg ik een vriendelijk: “Bedankt voor de fijne rit.” Een compliment, dat voelt goed — ik zeg lachend terug dat ik het ook een fijne rit vond.
Kleine tegenslag, daarna pauze
Mijn volgende opdracht verloopt wat anders. Wanneer ik het adres eindelijk vind, hoor ik dat de passagier ziek is en waarschijnlijk de rest van de week niet opgehaald hoeft te worden. Dus bel ik de planning om dit door te geven. Daarna rijd ik door naar het volgende adres en breng die passagier zonder problemen naar de bestemming.
Daar wacht ik even op een nieuwe rit, maar het blijft stil. Uiteindelijk stuur ik een berichtje met de vraag of er nog een rit aankomt of dat ik pauze mag houden. Het antwoord komt snel: “Eet smakelijk en geniet van je pauze.”
Dat laat ik me geen twee keer zeggen. Het is heerlijk weer, dus ik besluit een stukje te gaan lopen. Halverwege zie ik een viskraam en denk meteen: hmmm, lekker een visje! Ik haal een broodje haring en geniet met mijn gezicht in het zonnetje van mijn lunch. Daarna wandel ik nog even verder voor ik terugga naar de bus.
Een rustige middagrit
Mijn pauze zit erop en het is alweer bijna tijd om de kinderen van school te halen. Ik ben benieuwd of het vandaag weer zo druk zal zijn als gisteren. Gelukkig zijn de eerste kindjes die instappen vrij rustig. Ook de andere twee die ik ophaal zijn kalm en gezellig. Wat een verschil met de vorige dag!
Met plezier rijd ik ze allemaal veilig terug naar hun eindbestemming. Eenmaal thuis zet ik de auto op de lader en denk ik tevreden: Dat was een fijne werkdag. Daarna kruip ik achter de laptop om dit blogje te schrijven — dat voelt toch een stuk beter dan de mails van gisteren.
Tot de volgende!
