Sluiswachter

Een dag vol bekende gezichten en onverwachte gasten

Terwijl ik in de auto zit en bijna over de brug richting de sluis rijd, valt mijn oog op een bootje op het water. Hé, die ken ik! Dat is dezelfde schipper die gisteren naar Leiden zou varen. Grote kans dat hij straks door mijn sluis wil. Even extra klantvriendelijk zijn dus.

Zodra ik de auto op de sluis heb geparkeerd, sluit ik alvast het luik en leg mijn spullen binnen. De sluis telefoon gaat weet met mij mee naar buiten. Nog geen boot te zien, maar de brug wordt vanaf 10 uur bediend, dus hij zal zo wel komen. Ik besluit alvast de deur open te zetten.

Ik plof neer op een muurtje, benen bungelend in het frisse ochtendbriesje. Het zonnetje is nog zacht, prima uit te houden zo. Als het bootje dichterbij komt, roep ik: “Ik zag je al bij de brug!” De schipper lacht: “Ik vond het al zo vreemd dat ik groen licht kreeg, maar nu snap ik het.”

We kletsen wat. Hij heeft heerlijk geslapen en we stellen ons netjes aan elkaar voor — handig voor de volgende keer. Als ik grap dat ik mijn best ga doen zijn naam te onthouden, lacht hij: “Ik ben zelf ook slecht in namen.” We nemen afscheid met een vriendelijke groet naar huis.

Fries door de sluis

Even later vaart er een boot uit Sneek in. Drie jongens aan boord, druk pratend verrassend in het Nederlands en niet in het fries. Ik laat ze lekker hun gesprek voortzetten en wens ze bij vertrek in het Fries een “Oant sjen!” Waarschijnlijk hebben ze het niet eens gehoord, maar toch leuk.

Onverwachte hulpactie

Dan wordt er weer gebeld: een bootje ligt te wachten. Terwijl ik de deur open wil doen, zie ik een pulletje drijven in het water. Zielig, maar meestal adviseert de dierenambulance om jonge vogels terug te geven aan de natuur, ik laat hem drijven. Even later drijft er ook een gans in de sluis. Zijn hoofdje hangt slap, maar hij leeft nog. Tijd voor actie.

Precies op dat moment vaart er een bekende schipper binnen, eentje die vorige week nog een sleutelhanger van me kreeg. Ik vraag hem om hulp. Zijn passagier pakt met een net de gans uit het water, ik neem hem over en praat zachtjes tegen hem. Hij lijkt te kalmeren.

Ik zet hem veilig in de schaduw en bel de dierenambulance. Ze hebben het druk, maar beloven te komen. Drieënhalf uur later arriveren ze. De medewerkster bekijkt hem en zegt dat het vogelgriep is. Hoe triest ook, hij zal worden ingeslapen om zijn lijden te beëindigen. Ook het pulletje mag mee. Ik ben dankbaar dat ik in ieder geval iets heb kunnen doen voor de nijlgans en dat hij een humane dood krijgt.

Een drukke dag voor de dierenambulance

Aan het einde van mijn dienst zie ik de dierenambulance opnieuw langsrijden. De bijrijder zwaait vriendelijk. Wat hebben deze mensen een drukke, maar waardevolle taak. Wil je hen steunen? Dat kan via hun website — zowel met donaties als door vrijwilliger te worden. Dierenambulance Amsterdam

En zo eindigde een dag met oude bekenden, Friese passanten, en een onverwachte dierenreddingsactie.
Heb jij weleens een dier in nood geholpen tijdens je werk of onderweg? Vertel het hieronder, ik ben benieuwd naar je verhaal!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *